Schade melden

Schuldvraag bij een aanrijding: wie is aansprakelijk en wie betaalt uw schade?

Medewerker van Autoschade Merkelbag bespreekt de schade aan een auto met een klant in de werkplaats in Maastricht
Op deze pagina

U staat langs de weg, de schade is er, en de andere bestuurder zegt met stelligheid dat u het gedaan heeft. Op dat moment voelt de schuldvraag als het belangrijkste dat er is. Toch wordt die vraag niet aan de kant van de weg beantwoord, en ook niet door de agent die eventueel langskomt. Hieronder leest u wie de schuldvraag wél beoordeelt, welke regels per situatie gelden, en wat u doet als de tegenpartij een ander verhaal vertelt. En het goede nieuws: in veel gevallen kunt u uw auto gewoon laten herstellen terwijl de verzekeraars nog aan het puzzelen zijn.

Wie bepaalt de schuldvraag?

Kort en duidelijk: de verzekeraars. De politie schrijft het zelf op haar website: zij gaat niet over de schuldvraag van een verkeersongeval, dat is aan de verzekeringen. Dat is een hard feit, en het verbaast veel mensen, want het beeld dat de politie de schuld vaststelt zit er diep in.

De politie komt bij gewonden, bij zeer grote schade, bij rijden onder invloed, zonder rijbewijs of zonder verzekering, als de rijbaan geblokkeerd is, bij agressie, en als u er onderling niet uitkomt. In de meeste andere gevallen komt zij niet. Dat is geen slecht teken, het betekent alleen dat u zelf de feiten moet vastleggen. De verzekeraars van beide partijen leggen die stukken daarna naast elkaar: het schadeformulier, de foto's, eventuele getuigen en de verkeersregels. Komen zij er onderling niet uit, dan beslist uiteindelijk de rechter.

Belangrijk daarbij: op het Europees schadeformulier staat letterlijk dat invullen en ondertekenen géén schuldbekentenis is. U legt feiten vast, geen oordeel. Tekenen mag dus ook als u het oneens bent met de toedracht die de ander opschrijft; noteer dat dan wél bij de opmerkingen. Stap voor stap invullen leest u in Europees schadeformulier invullen; de eerste minuten na de klap staan in Wat te doen bij een auto-ongeluk.

De regels per situatie

Verzekeraars beoordelen uw geval aan de hand van de verkeersregels. Let daarbij op het verschil tussen een echte wettelijke regel en een gewoonte uit de praktijk. Precies dat verschil bepaalt of u ruimte heeft om iets te weerleggen.

Achterop rijden en kop-staartbotsingen

Rijdt u achterop, dan wordt u in beginsel aansprakelijk gehouden. De basis is artikel 19 RVV 1990: een bestuurder moet zijn voertuig tot stilstand kunnen brengen binnen de afstand waarover hij de weg kan overzien en waarover deze vrij is. Raakt u de auto voor u, dan lukte dat kennelijk niet.

Een hardnekkig misverstand: de wet zou een volgafstand van twee seconden voorschrijven. Dat staat nergens in het RVV. De twee-secondenregel is een verstandige vuistregel, geen wetsartikel.

De uitzondering die telt: bent u zelf van achteren aangereden en daardoor tegen de auto vóór u geduwd, dan bent u niet aansprakelijk voor de schade van die voorste auto. Dat is degene die achteraan niet op tijd stopte. Leg dat meteen vast, want in de blikschade is later vaak nog te zien of u geduwd bent of zelf gereden heeft.

Wegrijden, achteruitrijden en uitparkeren: de bijzondere manoeuvre

Dit is het artikel dat u moet kennen. Artikel 54 RVV 1990 bepaalt dat bestuurders die een bijzondere manoeuvre uitvoeren, zoals wegrijden, achteruitrijden, uit een uitrit de weg oprijden, keren en van rijstrook wisselen, het overige verkeer voor moeten laten gaan.

Let op het woordje "zoals": de opsomming geeft voorbeelden en is niet volledig. Uitparkeren staat er niet letterlijk in, maar valt onder wegrijden en achteruitrijden. Bovendien gaat dit artikel vóór op de gewone voorrangsregels: maakt u een bijzondere manoeuvre, dan laat u ál het overige verkeer voorgaan, ook verkeer dat u anders geen voorrang had hoeven verlenen.

In gewone taal: rijdt u een parkeervak uit en raakt u een auto die gewoon over de rijbaan reed, dan bent u vrijwel altijd de aansprakelijke partij.

Twee auto's die tegelijk manoeuvreren: automatisch 50/50?

Nee, en hier geven veel mensen zich te snel gewonnen. Twee auto's rijden tegelijk hun parkeervak uit, ze raken elkaar, en de verzekeraar stelt voor de schade fifty-fifty te delen omdat beiden een bijzondere manoeuvre maakten. Dat klinkt logisch, maar het is een vuistregel van verzekeraars, geen wettelijke regel.

De rechtbank Noord-Holland oordeelde in 2021 precies daarover (uitspraak ECLI:NL:RBNHO:2021:1232). Het enkele feit dat beide auto's een bijzondere manoeuvre uitvoerden, zo schreef de rechter, betekent nog niet dat ieder voor de helft aansprakelijk is. De bestuurster kon met een getuigenverklaring aantonen dat zij al stilstond toen de klap kwam. De ander reed dus tegen een stilstaande auto. Resultaat: geen 50/50, maar volledige vergoeding van ruim dertienhonderd euro bij de kantonrechter.

Stond u al stil, dan is dat uw sterkste argument, en een getuige is dan goud waard. Vraag ter plekke om naam en telefoonnummer van iemand die het zag.

En hoort u dat "wie als laatste achteruitrijdt honderd procent aansprakelijk is"? Daar is geen wettelijke basis voor te vinden. Behandel het als een broodjeaapverhaal, niet als een regel waar u zich bij neerlegt.

Kettingbotsing en de parkeerplaats bij de supermarkt

Een kettingbotsing wordt niet als één ongeval beoordeeld, maar per botsing uit elkaar getrokken: per aanrijding wordt gekeken wie achterop reed en wie geduwd werd. Zat u in het midden, fotografeer dan zowel de schade aan uw voorzijde als die aan uw achterzijde.

Op een parkeerterrein gelden gewoon verkeersregels, zolang dat terrein feitelijk openstaat voor het openbaar verkeer. Wie de eigenaar is, doet niet ter zake. Een vrij toegankelijk parkeerterrein bij een supermarkt is dus in de regel een weg in de zin van de wet, en artikel 54 RVV geldt er ook. Op écht afgesloten privéterrein ligt dat anders: daar loopt de aansprakelijkheid via de algemene regels van onrechtmatige daad (artikel 6:162 BW), met de verkeersregels als richtsnoer in plaats van als bindende regel.

Aanrijding met een fietser of voetganger

Hier geldt een heel ander regime. Artikel 185 van de Wegenverkeerswet legt een zware aansprakelijkheid op de eigenaar of houder van een motorrijtuig voor schade aan personen en zaken die niet met dat motorrijtuig worden vervoerd. Alleen bij overmacht komt de automobilist eronderuit, en de rechter legt overmacht streng uit. Uit de rechtspraak volgt dat de automobilist zonder overmacht bij een fietser of voetganger van 14 jaar of ouder minimaal 50 procent van de schade draagt, ook als die fietser zelf een fout maakte, en bij een kind onder de 14 in beginsel de volledige schade. Let wel op dit misverstand: artikel 185 geldt niet tussen twee rijdende auto's, zo staat in lid 3. Bij twee auto's loopt de aansprakelijkheid gewoon via de verkeersregels.

De tegenpartij ontkent, of vertelt een ander verhaal

Hier liggen mensen het meest wakker van. Wie schade claimt, moet de aansprakelijkheid van de ander bewijzen. De bewijslast ligt dus bij u. Dat klinkt hard, maar het is goed te doen als u de eerste tien minuten benut.

  • Foto's, vóórdat de auto's verplaatst worden: de eindpositie van beide auto's, de schade van dichtbij en van veraf, de wegsituatie en de kentekens.
  • Getuigen met contactgegevens. In de zaak hierboven kantelde één getuigenverklaring de hele schuldvraag. Vraag om naam en telefoonnummer, ook als iemand haast heeft.
  • Dashcambeelden. Die zijn in een civiele procedure in beginsel bruikbaar; de rechter weegt zelf hoe zwaar ze tellen. Overleg ze aan uw verzekeraar en zet ze niet online, want dan komt u met de privacyregels in de knel.
  • Uw eigen aantekening van de toedracht, dezelfde dag opgeschreven, is later meer waard dan een herinnering van drie weken oud.

Weet u niet bij wie de tegenpartij verzekerd is, dan kunt u de verzekeringsgegevens bij een kenteken opvragen bij de RDW, met DigiD en tegen een kleine vergoeding (op het moment van schrijven 5,10 euro).

En als u er met de verzekeraar niet uitkomt?

U heeft op grond van artikel 6 WAM een eigen recht op schadevergoeding tegenover de verzekeraar van de tegenpartij. U mag die verzekeraar dus rechtstreeks aanspreken, ook al bent u daar geen klant. Blijft u het oneens met hun standpunt, dan zijn er twee routes. De eerste is het Kifid, het klachteninstituut voor financiële dienstverlening, dat in zijn reglement bevestigt dat u daar juist vanwege dat eigen recht ook terecht kunt met een klacht over de verzekeraar van de tegenpartij. Voor consumenten is dat gratis. U doorloopt wel eerst de interne klachtenprocedure; neemt de verzekeraar na acht weken nog geen definitief standpunt in, dan pakt Kifid uw klacht alsnog op. De tweede route is de rechter: bij vorderingen tot 25.000 euro is dat de kantonrechter, en daar heeft u geen advocaat nodig. De meeste autoschadezaken vallen ruim onder die grens.

Termijnen: hoe lang mag dit duren?

  • Melden bij uw eigen verzekeraar: de wet zegt "zo spoedig als redelijkerwijs mogelijk is" (artikel 7:941 BW). Er staat dus géén 24 of 48 uur in de wet. Meldt u te laat, dan mag de verzekeraar korten voor zover hij daar nadeel van heeft.
  • Standpunt van de tegenpartij: de WA-verzekeraar van degene die de schade veroorzaakte moet binnen drie maanden na uw verzoek om schadevergoeding een onderbouwd voorstel doen of een met redenen omkleed antwoord geven (artikel 4:70 lid 6 Wft). Dat is een plicht om te reageren, geen garantie dat het geld er binnen drie maanden is, maar wel een stok achter de deur.
  • Verjaring: uw vordering op de verzekeraar van de tegenpartij verjaart na drie jaar, gerekend vanaf het ongeval (artikel 10 WAM). Een claim op uw eigen verzekeraar verjaart ook na drie jaar, maar die termijn begint pas te lopen zodra u weet dat u recht op uitkering heeft (artikel 7:942 BW).

Wat betekent dit voor uw auto en uw portemonnee?

Hier houden de meeste artikelen over de schuldvraag op, terwijl dit nu juist het deel is waar u iets aan heeft.

Directe schadeafhandeling: melden bij uw eigen verzekeraar

Sinds 2021 kennen Nederlandse verzekeraars directe schadeafhandeling. Is uw auto beschadigd door een andere auto en is die ander geheel of gedeeltelijk aansprakelijk, dan meldt u de schade bij uw eigen verzekeraar, ook als u alleen WA verzekerd bent. Uw verzekeraar handelt het met u af en verhaalt de schade daarna zelf op de verzekeraar van de tegenpartij.

De voorwaarden: het gaat om materiële schade, beide voertuigen hebben een Nederlands kenteken, en de tegenpartij is aansprakelijk. Het is gratis en niet verplicht: u mag nog steeds rechtstreeks bij de verzekeraar van de tegenpartij claimen. Het voordeel is groot, want bij veel verzekeraars hoeft u niets voor te schieten en kunt u de auto laten herstellen terwijl de schuldvraag nog loopt. De keerzijde: de discussie over de aansprakelijkheid voert u dan met uw eigen verzekeraar.

Eigen risico en schadevrije jaren

Claimt u op uw eigen casco terwijl de schuldvraag loopt, dan betaalt u eerst uw eigen risico. Lukt het uw verzekeraar de schade volledig op de tegenpartij te verhalen, dan krijgt u dat terug. Zo staat het in de polisvoorwaarden van de meeste verzekeraars, maar controleer het bij de uwe. Meer hierover in Eigen risico bij autoschade.

Let op één ding dat mensen bij een 50/50-schikking overvalt. Is de schuld gedeeld, dan draagt uw verzekeraar de helft van de schade zelf, en dan kan die als schuldschade in uw schadevrije jaren terechtkomen. Een compromis om er maar vanaf te zijn kan u dus jaren no-claimkorting kosten. Weeg dat mee vóórdat u akkoord gaat, zie Schadevrije jaren en uw schadeclaim.

Rijdt de tegenpartij door of is die niet verzekerd, dan komt het Waarborgfonds Motorverkeer in beeld. Bij materiële schade door een onbekende dader geldt daar een eigen risico van 250 euro; bij een bekende maar onverzekerde tegenpartij niet. Zie Doorrijder of onbekende dader.

Repareren terwijl de schuldvraag nog loopt

Dat kan meestal prima, maar houd één volgorde aan: eerst vastleggen, dan herstellen. De schade zelf is bewijs. Herstelt u meteen, dan is het schadebeeld weg, terwijl juist dat beeld laat zien onder welke hoek de klap kwam en of u geduwd bent. Zorg dus dat er goede foto's en een schaderapport liggen, of dat een expert de auto heeft gezien, voordat er een plaatwerker aan te pas komt. Bij directe schadeafhandeling regelt uw verzekeraar het vastleggen en de reparatieopdracht meestal in één beweging.

En wáár u herstelt, bepaalt u. Bij uw eigen casco staat in de polisvoorwaarden of uw verzekeraar u naar een eigen herstelnetwerk stuurt, en sommige polissen korten als u daarbuiten gaat. Claimt u rechtstreeks bij de verzekeraar van de tegenpartij, dan bent u geen klant van die verzekeraar en in beginsel niet aan hun netwerk gebonden. Wel geldt uw schadebeperkingsplicht: vergoed wordt wat het herstel redelijkerwijs kost. Zie Zelf uw schadehersteller kiezen.

Wij maken dit in Maastricht vaak mee: een klant komt binnen met een gehavende auto en een schuldvraag die nog nergens heen gaat. Wij leggen de schade zorgvuldig vast, overleggen met de expert en de verzekeraar, en zorgen dat u niet wekenlang op een besluit zit te wachten. Wat wij doen, ziet u op onze dienstenpagina.

Veelgestelde vragen

Wie bepaalt wie schuld heeft bij een aanrijding?

De verzekeraars van beide partijen, op basis van het Europees schadeformulier, foto's, getuigen en de verkeersregels. De politie doet dat niet: zij schrijft zelf dat zij niet over de schuldvraag gaat. Komen de verzekeraars er niet uit, dan beslist uiteindelijk de rechter.

Ben je bij achterop rijden altijd schuldig?

In beginsel wel. Artikel 19 RVV bepaalt dat u binnen de vrije, overzichtelijke afstand tot stilstand moet kunnen komen; rijdt u achterop, dan lukte dat niet. De belangrijkste uitzondering: bent u zelf van achteren aangereden en daardoor tegen de auto vóór u geduwd, dan is de bestuurder áchter u aansprakelijk voor beide schades.

Wie is aansprakelijk als je uit een parkeervak wegrijdt?

Vrijwel altijd degene die uitparkeert. Wegrijden en achteruitrijden zijn een bijzondere manoeuvre in de zin van artikel 54 RVV 1990, en wie zo'n manoeuvre uitvoert moet al het overige verkeer voor laten gaan, ook boven de gewone voorrangsregels.

Twee auto's rijden tegelijk achteruit: is dat automatisch 50/50?

Nee. Verzekeraars stellen dat vaak voor, maar het is geen wettelijke regel. De rechtbank Noord-Holland oordeelde in 2021 dat twee bijzondere manoeuvres nog niet betekenen dat ieder de helft draagt. Kunt u aantonen dat u al stilstond, bijvoorbeeld met een getuige, dan kunt u volledige vergoeding krijgen.

Wat als de tegenpartij liegt of de schuld ontkent?

Dan moet u de aansprakelijkheid bewijzen, want de bewijslast ligt bij degene die claimt. Foto's van vóór het verplaatsen van de auto's, getuigen met contactgegevens en dashcambeelden zijn dan doorslaggevend. Blijft de verzekeraar weigeren, dan kunt u klagen bij het Kifid (gratis voor consumenten) of naar de kantonrechter, die vorderingen tot 25.000 euro behandelt zonder dat u een advocaat nodig heeft.

Hoe lang mag de verzekeraar over de schuldvraag doen?

De WA-verzekeraar van de tegenpartij moet binnen drie maanden na uw verzoek om schadevergoeding een onderbouwd voorstel doen of een met redenen omkleed antwoord geven (artikel 4:70 lid 6 Wft). Dat is een reactieplicht, geen betalingsgarantie. Voor de afhandeling van een claim bij uw eigen verzekeraar bestaat geen wettelijke termijn.

Kan ik mijn auto al laten repareren voordat de schuldvraag is beslist?

Ja, mits de schade eerst goed is vastgelegd met foto's en een schaderapport of expertise, want de schade is bewijs. Via directe schadeafhandeling kunt u bij veel verzekeraars zelfs laten herstellen zonder iets voor te schieten, terwijl de verzekeraars het onderling uitzoeken.

Kost een aanrijding die niet mijn schuld is mij schadevrije jaren?

Is de tegenpartij volledig aansprakelijk en verhaalt uw verzekeraar de schade, dan behoudt u uw schadevrije jaren. Bij een 50/50-uitkomst draagt uw verzekeraar de helft zelf, en dan kan het wél als schuldschade meetellen. Weeg dat mee voordat u met een 50/50-voorstel akkoord gaat.

Ben ik ook aansprakelijk als de fietser zelf een fout maakte?

Vaak wel, in elk geval gedeeltelijk. Artikel 185 WVW beschermt ongemotoriseerde verkeersdeelnemers. Zonder overmacht draagt de automobilist bij een fietser of voetganger van 14 jaar en ouder minimaal de helft van de schade, en bij een kind onder de 14 in beginsel de volledige schade. Tussen twee rijdende auto's geldt artikel 185 juist niet.

Kort samengevat

  • De verzekeraars beoordelen de schuldvraag, niet de politie en niet de bestuurder die het hardst roept.
  • De regels die er in de praktijk toe doen: artikel 19 RVV (achterop rijden) en artikel 54 RVV (wegrijden, achteruitrijden, uitparkeren, van rijstrook wisselen).
  • 50/50 is een vuistregel, geen wet. Kunt u aantonen dat u stilstond, dan is er meer mogelijk dan verzekeraars in eerste instantie voorstellen.
  • Bewijs wint: foto's vóór het verplaatsen, getuigen met telefoonnummer, en eventueel dashcambeelden.
  • U hoeft niet te wachten. Via directe schadeafhandeling meldt u de schade bij uw eigen verzekeraar, ook met alleen WA, en kunt u laten herstellen terwijl de schuldvraag loopt. Leg de schade eerst goed vast.

Zit u met een schade waarvan de schuldvraag nog niet rond is? Rijd gerust even bij ons langs in Maastricht. Wij bekijken de auto, leggen de schade zorgvuldig vast en vertellen u eerlijk wat er nodig is, zonder dat u ergens aan vastzit. Onze openingstijden en route vindt u op de contactpagina.

Terug naar overzicht
Vandaag geopend

Autoschade Merkelbag
in Maastricht

Ma-Vr 08:00-17:30
043 356 0606
Molensingel 21
6229 PB Maastricht